Noodgedwongen in een stacaravan terwijl urgentie wordt geweigerd
“Ik realiseerde me toen dat dakloosheid iedereen kan overkomen, ook mij.” Deze woorden van Eti, moeder van twee jonge zoons, maken pijnlijk duidelijk hoe kwetsbaar huisvesting kan zijn. Na haar scheiding stond ze van de ene op de andere dag op straat – het begin van een jarenlange zoektocht naar een stabiel thuis voor haarzelf en haar kinderen.
De nieuwe Wet Versterking Regie Volkshuisvesting, die bepaalt welke groepen met voorrang een woning kunnen krijgen, erkent in de huidige vorm alleen mensen in opvangvoorzieningen en mensen die uit instellingen komen als urgent. Eti’s verhaal toont aan waarom dit veel te beperkt is.
De nachtmerrie van elke ouder: plotseling zonder thuis
Eti’s wereld stortte in toen ze na haar scheiding plotseling geen dak meer boven haar hoofd had. “Ik kan het me herinneren als de dag van gisteren,” vertelt ze. “We konden niet naar binnen. Van de ene op de andere dag stonden we op straat.”
Om haar kinderen, die toen bijna acht en vijf waren, te beschermen, bracht Eti hen eerst naar vrienden. Maar aan het einde van de dag moest ze hen wel weer ophalen – en ze hadden nog geen plek om naartoe te gaan. Hoe vertel je je kind dat ze geen bed meer hebben om op te slapen, geen dak meer boven hun hoofd en geen veilige omgeving meer? Daarna begon een wanhopige zoektocht naar onderdak. Ze kocht een driepersoons tent bij een campingwinkel en zorgde voor de eerste levensbehoeften.
“Dat was wel het dieptepunt in mijn leven,” vertelt ze. Vooral toen het winter werd en de tent veel te koud was voor de kinderen. Daarna kon ze tijdelijk bij vrienden op de bank slapen, waarna ze uiteindelijk op een familiecamping in West Friesland belandde, waar ze nu al bijna vier jaar noodgedwongen woont met haar twee zoontjes en kat Charlie in een stacaravan.
Systeem dat geen gehoor geeft aan moeder en kinderen
Met een mengeling van wanhoop en vastberadenheid klopte Eti aan bij instanties voor hulp. “Bij een politiebureau hoef je ook niet meer aan te kloppen, heb daar met tranen in de ogen met mijn kinderen gestaan en afgevraagd hoe dit zomaar kon: “We staan op straat en ik weet niet wat ik moet doen. We kregen een glaasje water, maar verder konden ze niks doen ‘want we zijn geen bemiddelingsbureau.’ Terwijl ik een bepaalde veiligheid en steun had verwacht.”
Ook een aanvraag voor urgentie werd afgewezen. “Ze vertelden me dat ik ‘zelfredzaam’ was, terwijl de kinderen wel naar hun vader konden,” zegt ze verontwaardigd. “Heb je überhaupt geluisterd? Heb je überhaupt gekeken naar de situatie? De vader heeft mij met kinderen op straat gezet. En ga je mij vertellen dat de kinderen bij de vader terecht kunnen?”
De instanties stuurden haar van het kastje naar de muur met suggesties die haar situatie volledig miskennen. “Er werd te makkelijk gezegd: Kun je niet bij vrienden of familie terecht? Maar logeren is een tijdelijke oplossing, daar los je het probleem niet mee op. Bovendien hebben die vrienden toch ook recht op hun privacy?”
De mentale tol van woononzekerheid
De onzekere woonsituatie heeft een enorme impact, niet alleen op Eti maar ook op haar kinderen. “Het voelt als een stukje falen naar je kinderen toe,” bekent ze. “Ook al is dat niet zo, in het begin had ik heel erg het gevoel van falen naar mijn kinderen. Want ik kan je niet bieden wat je nodig hebt.”
Het dagelijks leven in de stacaravan blijft een strijd. “In de winter is het nog steeds heel erg koud in de caravan. Het is hard stoken omdat de warmte ook heel snel weer weg gaat. Maar goed, beter iets dan niets.”
Hoewel ze dankbaar is voor de camping die haar onderdak biedt, is deze noodgedwongen stacaravan niet het thuis waar ze van droomt. De impact gaat verder dan alleen het gebrek aan een stabiele woonplek. Eti’s kinderen zijn zo teleurgesteld in het systeem dat ze zelfs weigeren om Koningsdag te vieren. “Weet je waarom niet? Omdat de koning niet opstaat voor de burgers. Een echte koning is er voor de burgers.”
Het gevecht tegen schaamte en voor verandering
Eti’s verhaal laat zien hoe dakloosheid mensen tot het uiterste kan drijven. “Ik zou liegen als ik zou zeggen dat ik niet boos ben geweest. Ik was razend, op alles en iedereen. Ook had ik het gevoel dat ik de enige was. Ik schaamde me omdat ik dakloos was en niks meer had.”
“Maar op een gegeven moment kom je in de overlevingsstand. Zo van: hoe ga ik dit voor elkaar krijgen, wat kan ik doen om het in goede banen te leiden met oog op mijn kinderen? Je kunt twee kanten op gaan. Het verkeerde pad kiezen was voor mij geen optie met twee kinderen onder mijn hoede. Zelfs in deze strijd, waarin ik helemaal niets had, wilde ik een voorbeeld zijn voor mijn kinderen. Om er toch nog iets van te maken.”
Nu probeert ze haar ervaringen te gebruiken om anderen te helpen. “Ik wil ouders die hetzelfde hebben meegemaakt, of er nog middenin zitten, bij elkaar brengen. Ik wil ze een luisterend oor bieden. Of begeleiden. Het vangnet zijn.”
Wat haar het meest geholpen zou hebben? “Ik had het fijn gevonden als iemand gewoon naast me was komen zitten en had gezegd: ik help je. We gaan samen zoeken naar een woning.”
Als ze tegen beleidsmakers iets zou kunnen zeggen, is het dit: “Gelijke monniken, gelijke kappen. Ze zeggen wel tegen ons dat wij ons aan de wetten moeten houden, maar ze leven zelf hun regels niet na. Een grondwet, een fundamenteel recht op huisvesting, moet niet alleen op papier staan maar ook in de praktijk worden gebracht.”
Steun onze oproep voor urgentie voor ALLE dakloze mensen!
Eti’s verhaal staat niet op zichzelf. Duizenden mensen in Nederland verkeren in vergelijkbare situaties van verborgen dakloosheid. Ze slapen bij vrienden op de bank, wonen noodgedwongen in auto’s, tenten of stacaravans – zonder erkend te worden als urgent woningzoekenden.
Teken nu onze petitie! om de Tweede Kamer op te roepen de Wet Versterking Regie Volkshuisvesting aan te passen zodat ALLE dakloze mensen volgens de ETHOS Light-definitie in aanmerking komen voor urgentie. Want een huis is geen privilege, maar een recht – vooral voor kinderen.
