Alle daklozen moeten voorrang krijgen bij het toewijzen van sociale huurwoning

Dakloze mensen zonder verslaving of andere problematiek hebben met de huidige regels geen mogelijkheid om een huis te krijgen. Dat moet anders, aldus Martijn van Leerdam en Dirk van den Hoven. Want ook de kerken kunnen de gevolgen van zo’n beleidskeuze niet opvangen.

Herman (55) slaapt al twee jaar op straat in Rotterdam. Op geen enkele wijze voldoet Herman aan het cliché van een dakloze man: hij is niet verward, niet verslaafd, en heeft jarenlang gewerkt. Als gevolg daarvan wordt hij als ‘zelfredzaam’ gezien, en komt hij niet in aanmerking voor een plek in de daklozenopvang van de gemeente Rotterdam. Maar hij krijgt ook geen urgentieverklaring voor een sociale huurwoning. Hoe komt Herman zo ooit van de straat? Herman heeft een veilige plek nodig, net als duizenden andere dak- en thuisloze mensen in Nederland. Zij slapen bij een kennis op de bank, verblijven in een vervallen tuinhuisje, brengen de nacht door in de auto of liggen onder de Erasmusbrug. Toegang tot een opvang krijgen ze niet, want ze voldoen niet aan de bureaucratische voorwaarden. Maar voor een woning is hun situatie niet ‘urgent’ genoeg.

Voorrang bij sociale huisvesting

Binnenkort bespreekt de Tweede Kamer de Wet Regie Versterking Volkshuisvesting. Deze wet bepaalt welke groepen ‘urgent woningzoekend’ zijn. Gemeenten moeten ervoor zorgen deze mensen met voorrang huisvesting te bieden. In het huidige voorstel van het kabinet worden veel dakloze mensen echter niet als ‘urgent’ aangemerkt. Zo sluiten we hen nog steeds uit. Alleen mensen die in een opvang of instelling verblijven krijgen voorrang bij sociale huisvesting. Dat is een veel te kleine stap. Om de dakloosheid serieus te bestrijden, moeten álle dakloze mensen voorrang krijgen bij het toewijzen van een sociale huurwoning. Anders sterven mensen als Herman op straat, en staat het leven van duizenden anderen nog jarenlang stil.

Kwetsbare mensen worden tegen elkaar uitgespeeld

Sommige mensen zijn bang dat voorrang voor dakloze mensen ten koste gaat van ‘reguliere’ woningzoekenden. Daarom pleiten zij ervoor dat dakloze mensen géén voorrang krijgen bij het toewijzen van sociale huurwoningen. Als de Tweede Kamer hiervoor kiest, zal de dakloosheid de komende jaren verder stijgen. Zelfs de inzet van de Pauluskerk en de Diaconie van Amsterdam — waar dagelijks onderdak, maaltijden, medische zorg en pastorale steun worden geboden — kan de gevolgen van zulke beleidskeuzes niet opvangen. Een rechtvaardige overheid, die de omstandigheden van haar burgers serieus neemt, zou er allereerst voor de meest kwetsbare mensen moeten zijn. Het huidige wetsvoorstel zet sommige kwetsbare mensen op één, terwijl anderen op grote achterstand worden gezet. Het tegen elkaar uitspelen van kwetsbare mensen is echter geen oplossing voor de woningnood. De enige manier om daar iets aan te doen, is het toevoegen van betaalbare huisvesting.

Barmhartigheid en rechtvaardigheid

De harde en ongastvrije houding van de Nederlandse politiek staat in scherp contrast met de missie van de kerk. Kerken zijn plekken van barmhartigheid, waar de deur voor iedereen open staat. Door het diaconale werk van de kerk vinden veel verdwaalde mensen een thuis. Geconfronteerd met een groeiend aantal mensen zoals Herman, is barmhartigheid echter niet genoeg. Naast barmhartigheid staat rechtvaardigheid. Het is de taak van de kerk om de overheid aan die roeping te herinneren. Daarom komen wij samen met coalitie Dakloosheid Voorbij! en de dakloze mensen in ons netwerk op voor het recht op huisvesting.

Tweede Kamer, let op

Er zijn duizenden dak- en thuisloze mensen zoals Herman, zowel in de stad als op het platteland. De woningnood is voelbaar in elke kerkelijke gemeenschap van het land. Het wordt tijd dat kerkelijke en diaconale gemeenschappen zich uitspreken, en dat de Tweede Kamer met een scherp oog naar de nieuwe wetgeving kijkt. Door dakloze mensen voorrang te geven bij huisvesting bieden we hen perspectief, en zetten we levens weer in beweging.

Oorspronkelijk gepubliceerd in het Nederlands Dagblad op 29 mei 2025. Geschreven door ds. Martijn van Leerdam (predikant-directeur Pauluskerk Rotterdam) en Dirk van den Hoven (directeur Protestantse Diaconie Amsterdam) als ondersteuning van onze campagne voor urgentie voor alle dakloze mensen.